Wetenschappers schertsen weleens dat een nieuwe theorie door drie fases heen moet voordat het algemeen geaccepteerd wordt:

Fase 1: Dit is onzin.
Fase 2: Dit klopt misschien, maar het heeft geen praktisch nut.
Fase 3: Dit is briljant en ik was de eerste die het ontdekt heeft!

Met nieuwe technologie is het niet veel anders. Hoewel geen enkel weldenkend mens nu nog twijfelt aan het nut (praktisch of financieel) van apps, heeft toch even geduurd voordat het ontwikkelen van apps volwassen werd. Het verschil met de wetenschap is dat nieuwe technologie vaak niet wordt beperkt door ongeloof, maar door gebrek aan middelen, veelal geld.

Zo ook met mobiele applicaties, oftewel apps. Toen deze technologie ontstond waren het voornamelijk de meest welvarende bedrijven die de sprong durfden te maken om een app te ontwikkelen. Dit is namelijk niet zonder risico’s, omdat vooraf vaak moeilijk te voorspellen valt of de app lucratief zal zijn. Tegenwoordig is deze drempel minder hoog, en dat komt voornamelijk doordat er een omslag is geweest van native apps naar hybrid apps.

Wat houdt deze omslag precies in? Het kenmerk van native apps is dat ze worden geprogrammeerd voor een specifiek platform, zoals iOS of Android. Ze kunnen dus niet op andere toestellen worden gebruikt. Dat beperkt de afzetmarkt. Bovendien zijn deze apps geschreven met relatief ingewikkelde programmeertalen, zoals Java of ObjectiveC. Dit vereist gespecialiseerde programmeurs, die hun expertise zoals u begrijpt niet voor een zacht prijsje beschikbaar stellen.

Daar is inmiddels verandering in gekomen. Veel app-ontwikkelaars hebben de omslag gemaakt van native naar hybrid. Dit laatste houdt in dat apps op meerdere platformen kunnen draaien. De gecompliceerde programmeertalen van de native apps hebben het veld geruimd voor meer toegankelijke webtalen, zoals CSS of Javascript. Door snellere processoren in mobiele apparaten kunnen de hybrids steeds beter concurreren met de natives.

Op z’n Cruyffiaans gezegd heb ook dit voordeel z’n nadeel. De ongecompliceerdheid van de native apps betekent wel dat er minder functies mogelijk zijn. Toch brengt de grotere toegankelijkheid – meer programmeurs en lagere kosten – veel kansen op innovatie. Naast het feit dat een app op meerdere apparaten kan worden gebruikt, ligt de kracht van deze nieuwe technologie ook steeds meer in het integreren van meerdere applicaties. In recente jaren hebben we veel populaire apps gezien waarin mensen door middel van de locatiegegevens van hun mobiel bij elkaar zijn gebracht, denk maar aan Tinder (relaties), Uber (vervoer), of Airbnb (overnachten). In toekomst zullen mensen alleen maar meer mogelijkheden vinden om via mobiele communicatie in elkaars wensen te voorzien. De mogelijkheden zijn nog lang niet uitgeput.

 

Frank Kool studeerde Psychologie en Filosofie in Rotterdam. Sinds enkele jaren is hij werkzaam als copywriter en blogger, onder andere voor DutchReview. Voor Tekst 2000 / B1 blogt Frank over innovaties in onderwijs en technologie en de manier waarop wij leven zullen veranderen.

Flexibel onderwijs: moet je dan lenig zijn?

Google vindt me, dus ik besta

E-learning: niet alleen in het onderwijs een hit

Verder zonder Facebook – of toch maar niet?

10 apps die je werk nog makkelijker maken

Fan van De Luizenmoeder? Deze series over onderwijs moet je ook kijken

Deze contentmakers uit het onderwijs móét je volgen

Haal (veel) meer uit je LinkedIn

Zo wordt je verhaal letterlijk gehoord

Spelenderwijs: gamen maakt je slimmer